Onlangs schreef ik dat mijn tweede relatie is verdampt. Het is deze week precies een jaar geleden dat hij en ik voor het eerst online contact hadden. Vorig jaar december ontmoetten we elkaar voor koffie, afgelopen augustus voor een biertje, daartussen haddden we tien spetterende dates. Zo kort… klopt de term ‘relatie’ wel? Ja, want: ik heb tijd, moeite, liefde, aandacht en intimiteit gedeeld met een ander mens, die tegelijkertijd ook uit eigen vrije wil al die dingen met mij deelde.

Franklin Veaux, co-auteur van hét polyamorie-handboek ‘More than Two’, heeft zijn autobiografie uitgebracht over de relatie die zijn leven veranderde, onder de pakkende titel ‘The Game Changer’. Hij beschrijft hoe één partner kritische vragen stelde over zijn bestaande huwelijk en hoe daardoor alles ging schuiven.

Was dat bij mij en partner V. ook aan de hand? Ik voelde dat de vragen die V. mij stelde mijn ogen openden voor processen die al jaren gaande zijn. Dat de intensiteit van ons samenzijn, de warmte en het gevoel van verbondenheid tussen hem en mij ineens mijn primaire relatie in een ander daglicht stelde. (Terzijde: wat zegt het over mijn nerd-gehalte dat ik in geval van emotionele nood eerst op zoek ga naar literatuur?)

Een mooi citaat uit dat boek is dat polyamorie niet alleen méér liefde is, maar vooral verschillende soorten liefde. En dus ook verschillende soorten relaties. De bedoeling van zowel V. als mijzelf was duidelijk: we zouden lichtvoetig contact hebben en af en toe seks. Geen van beiden zaten we te wachten op een liefdesrelatie. Hij zei: ik wil je niet té leuk gaan vinden. Ik zei: ik heb niet meer ruimte dan één keer per week. Maar we handelden heel anders. We spraken elkaar iedere dag, over levensvragen, het ouderschap, en natuurlijk ook over sexy dingen.

Waarom ging het dan stuk? Zoals bij elke relationele vraag bestaat het antwoord uit meerdere factoren. (1) Omdat we elkaar online hadden leren kennen, keken we door een sleutelgat in elkaars levens, zonder basis in wederzijdse vriendenkringen, gezamenlijke herinneringen of het comfort dat ontstaat wanneer je veel tijd met elkaar doorbrengt. (2) We liepen er tegenaan dat we niet méér tijd en aandacht voor elkaar konden opbrengen, door de bestaande verplichtingen. (3) Langzaamaan begon de waas van verliefheid op te trekken en zagen we aspecten van elkaar die minder leuk zijn, minder goed pasten. (4) Partners, exen en kinderen vroegen aandacht waardoor we in andere richtingen bewogen. (5) De geografische afstand werd irritant.

Soms zijn de omstandigheden te ingewikkeld om bij elkaar te komen, of bij elkaar te kunnen blijven. Soms zijn de obstakels die een diepere relatie in de weg staan niet alleen maar filmische props zoals een lange afstand of een leeftijdsverschil, maar échte mensen met échte gevoelens, waarbij het échte gevolgen heeft als je daar overheen knalt. Een beslissing die ik maak over hoe ik mijn relaties inricht, heeft levensecht gevolg voor minimaal vijf mensen. Dat soort beslissingen kan en wil ik alleen nemen als ik in goede doen ben. (En liever niet middenin een pandemie.)

Maar liefde is er, in ieder geval aan mijn kant. Ik doe mijn best die in de vorm van vrienschap te gieten. Ook als V. keuzes maakt in zijn leven die ik pijnlijk vind. Die keuzes vallen niet binnen mijn controlecirkel. Het gevoel dat ik kan hebben over hem als persoon wel. En dat gevoel is positief, waardevol, warm.