‘In geval van twijfel is het antwoord: nee.’ Advies van een oude studievriend, die duidelijk kiest voor de status quo versus het groene gras aan de overkant. Waar ik in mijn leven dit advies heb opgevolgd, heb ik er welgeteld één keer spijt van gehad: toen een bevriende band mij vroeg mee op tournee te gaan om onderweg cd’s en t-shirts te verkopen. Half Europa doorkruisen in drie weken. Slapen in een stinkende tourbus met negen harige bierdrinkende mannen, kartonnen dozen met merchandise de bus uit en in sjouwen, geen enkele avond voor middernacht gaan slapen, maar ook: avontuur. Iedere avond gegarandeerd goede muziek en keihard lachen om vuige grappen. Ik twijfelde en verkoos mijn uitzendbaantje in een doodsaai kantoor boven de onzekerheid. Met tranen in mijn ogen vulde ik de volgende dag tekenboeken met even saaie contracten en nietmachines met glimmende nietjes.

 

Geen spijt van de man die ik meenam uit de kroeg toen ik er net achter was gekomen dat er een seksueel verschil bestaat tussen ‘dominant’ en ‘onderdanig’. Ook geen spijt dat ik hem om vier uur in de ochtend de deur wees (zo dominant was hij niet), noch van de drie mannen die ik in in de maanden daarna meenam uit andere kroegen en die evenmin in het ochtendlicht konden tippen aan de glans van de voorbijgegleden nacht.

 

Geen spijt van het vriendje dat ik aan de kant zette omdat hij me intellectueel niet bij kon houden, ook niet toen hij als wraakactie mijn boeken over zijn balkon vier verdiepingen naar beneden keilde. Ik ben fluitend naar de supermarkt gewandeld en heb voor de luttele huurprijs van één euro een karretje meegenomen waar al mijn boeken prima inpasten voor de wandeling richting mijn nieuwe studentenkamer. In die dagen had ik tijd voor alles: dat de wandeling drie uur duurde, maakte heus niet uit. Onderweg een ijsje gegeten. Ook geen spijt van. Het mooiste was dat ex-vriendje wél spijt kreeg en een enorme bos rode rozen bij mijn deur legde. Helaas zonder kaartje erbij dus ze werden direct geclaimd door de flaming gay huisgenoot, voor wie er wekelijks bloemen op de stoep lagen. Ex-vriendje bleek toen ook flink homofoob en werd alweer woedend, waardoor ik me bevestigd voelde in mijn keuze om bij hem weg te gaan.

 

Je kunt alleen maar ergens spijt van hebben als je zeker weet dat je diezelfde keuze niet nog eens zou maken. In alle andere gevallen heeft spijt geen enkele nut en ben je jezelf alleen maar gek aan het maken met keuzestress of misplaatst schuldgevoel. Want ik had spijt van de keer dat ik ‘ja’ zei tegen Pisang Ambon, maar ik drink nog steeds (alhoewel geen cocktails). Het gaat er maar net om hoe je de vraag formuleert. Vertrouw je erop dat doorzettingsvermogen, hoop, geloof of een andere emotie je door de twijfel heentrekken? Als je ‘ja’ zegt, ziet het leven er een stuk mooier uit. Minder veilig, wel mooier.